Bij KindKompas zijn we gespecialiseerd in hulpverlening aan kinderen met ontwikkelingsstoornissen.
Bij ontwikkelingsstoornissen zijn de symptomen uiteenlopend en er zijn verschillende oorzaken aan te wijzen. Omgevings- en opvoedingsfactoren zijn van invloed op hoe een stoornis zich uit en op de ernst van de problemen die een kind ervaart. Juist daarom biedt KindKompas begeleiding aan het gehele gezin én in de thuissituatie
Bij KindKompas begeleiden we kinderen met allerlei soorten hulpvragen. Vaak hebben ze te maken met problemen die vallen onder de noemer Autismespectrumstoornis, een Aandachtstekort- of Gedragsstoornis of een Ticstoornis. U kunt echter ook bij ons terecht voor specifieke hulp bij andere ontwikkelingsstoornissen. Neem hiervoor vrijblijvend contact met ons op.
Vermoedt u dat er bij uw kind sprake is van ontwikkelingsproblematiek maar is er nog geen oordeel van een specialist, kijkt u dan eens in de onderstaande lijst voor meer basale informatie. Voor specifieke vragen of een afspraak voor een kennismakingsgesprek kunt u ook altijd contact opnemen.
Onderstaand volgt per stoornis een uitleg.
Autismespectrumstoornis (ASS):
• Autistische stoornis
• Syndroom van Asperger
• PDD-NOS
Aandachtstekort- en gedragsstoornissen
• ADHD
• ODD
• CD
Ticstoornissen
• Chronische Ticstoornis
• Syndroom van Gilles de la Tourette
• Ticstoornis NOS
Autismespectrumstoornis (ASS):
Als synoniem wordt ook wel de term Pervasieve Ontwikkelingsstoornis of Autisme gebruikt. Er worden vier pervasieve ontwikkelingsstoornissen onderscheiden en de restgroep NAO.
• Autistische stoornis (of Klassiek Autisme):
Deze stoornis komt tot uiting voor het derde levensjaar en kenmerkt zich door een achterblijvende ontwikkeling in sociale en empathische contacten, in ontwikkeling van communicatie en taal en in gedragsontwikkeling. Kenmerkende symptomen zijn een onhandige motoriek, moeite met het interpreteren van sociale situaties, gebrek aan inlevingsvermogen, moeite met veranderingen, een neiging tot vaste gewoonten, een voorkeur voor bezigheden en interesses met sterk herhalende of systematische elementen, neiging tot obsessief gedrag en het gemakkelijk opgaan in een fantasiewereld. Mentale retardatie of zwakbegaafdheid komt in ongeveer 75 procent van de gevallen voor. Daarnaast komt het veelvuldig voor dat een kind met een Autistische stoornis ook ADHD of ADHD-symptomen heeft.
• Syndroom van Asperger:
Net als bij de Autistische stoornis is er sprake van een onhandige motoriek, moeite met het lezen van sociale situaties, gebrek aan inlevingsvermogen, moeite met veranderingen, een neiging tot vaste gewoonten, een voorkeur voor bezigheden en interesses met sterk herhalende of systematische elementen, neiging tot obsessief gedrag en makkelijk opgaan in een fantasiewereld. Belangrijke verschillen met de Autistische stoornis of Klassiek Autisme zijn de praktisch normale taalontwikkeling, de normale of zelfs hoge intelligentie en de normale neiging contacten met anderen te leggen (hoewel dat doorgaans niet goed lukt). Vaak worden mensen met het syndroom van Asperger als een normaal begaafd persoon beschouwd, maar vaak wel als iemand die excentriek, wereldvreemd of een einzelgänger is.
• PDD-NOS (restcategorie):
Onder PDD-NOS vallen stoornissen die niet voldoen aan de criteria van de andere aandoeningen in de groep Autismespectrumstoornissen. Zo zijn in de restgroep aandoeningen ondergebracht als Atypisch Autisme. Omdat PDD-NOS een restgroep is en de symptomen in vorm en intensiteit uiteenlopen, zijn er geen 'harde' criteria. Wel bestaan enige richtlijnen: er is een ernstige achterstand of beperking in de sociale interactie, tekortkomingen in de (non-)verbale communicatievaardigheden en/of is er sprake van stereotiepe gedragingen of interesses.
Naar boven
Aandachtstekort- en gedragsstoornissen:
• ADHD (Aandachtstekort-Hyperactiviteitstoornis):
Een van de symptomen is een tekort aan aandacht waardoor een kind overspoeld wordt door prikkels. Daardoor is het niet goed mogelijk om de aandacht bij één ding tegelijk te houden (concentratiegebrek). De hyperactiviteit uit zich door lichamelijke onrust, maar ook door innerlijke onrust en impulsiviteit. Ook de hyperactiviteit kan veroorzaakt worden door het binnenkomen van te veel of te sterke prikkels.
Er is tegenwoordig ook een variant op ADHD waarbij er geen sprake is van hyperactiviteit. In geval van deze stoornis, genaamd ADD, heeft een kind vrijwel alleen te kampen met aandachtstekort en concentratieproblemen.
Recent onderzoek heeft aangetoond dat er een overlap bestaat tussen Autistismespectrumstoornissen (ASS) en ADHD. Zo zijn er in meerdere wetenschappelijke studies overeenkomsten gevonden in het gedrag van kinderen met ASS en ADHD. Ook uit beeldvormend onderzoek (hersenscans) is naar voren gekomen dat er beperkingen bestaan in dezelfde hersengebieden. Daarnaast komen beide stoornissen vaker samen voor dan redelijkerwijs zou kunnen worden aangenomen. Dit wil overigens niet zeggen dat ADHD en ASS één en dezelfde stoornis betreft. Ouders die zowel een kind met ADHD als een kind met ASS hebben, kunnen duidelijke verschillen aangeven
• ODD (Oppositioneel-opstandige gedragsstoornis):
Deze stoornis wordt vaak aangeduid met de Engelse afkorting ODD (Oppositional Defiant Disorder). Kinderen met deze aandoening zijn ongehoorzaam, maken ruzie, zijn driftig, houden zich vaak niet aan de regels en hebben meerdere problemen in de sociale omgang, vooral met volwassenen, maar soms ook met leeftijdsgenoten. Vaak is er sprake van comorbiditeit, dat wil zeggen dat de aandoening samengaat met andere ziektebeelden, bijvoorbeeld ADHD of Autisme. De symptomen van een oppositioneel-opstandige gedragsstoornis en ADHD overlappen elkaar bijvoorbeeld. Bij ODD ligt de nadruk echter meer op agressiviteit en bij ADHD op impulsiviteit.
• CD (Antisociale gedragsstoornis):
Deze stoornis wordt vaak aangeduid met de Engelse afkorting CD (Conduct Disorder). De gedragsstoornis komt voor bij ongeveer 9% van de jongens en ongeveer 2% van de meisjes onder de 18 jaar. Kinderen met deze aandoening vertonen gedrag dat door hun omgeving als niet-acceptabel wordt beschouwd. Ze zijn bijvoorbeeld agressief (vechten, stelen, liegen, mishandeling, aanranding) of vertonen delinquent gedrag (stelen, brand stichten, vernielzucht, inbraak). Sommige kinderen zijn erg op zichzelf gericht en trekken niet veel met leeftijdsgenoten op. Verder hebben ze moeite hun relaties op de juiste manier in te schatten en hebben ze een verminderd inlevingsvermogen. Ook is er vaak sprake van een lagere intelligentie en mindere prestaties op school. Een antisociale gedragsstoornis komt vaak voor in combinatie met andere ziektebeelden, bijvoorbeeld ADHD of een Autismespectrumstoornis.
Naar boven
Ticstoornissen:
Het belangrijkste kenmerk van een ticstoornis is het optreden van tics. Tics zijn spontane, reflexachtige bewegingen of vocale uitingen (geluiden). Er worden 3 soorten ticstoornissen onderscheiden:
• Chronische Ticstoornis:
De Chronische Ticstoornis is een stoornis waarbij gedurende minimaal een jaar, motorische óf vocale tics optreden. Dit in tegenstelling tot het syndroom van Gilles de la Tourette, waarbij de beide vormen van tics naast elkaar voorkomen.
• Syndroom van Gilles de la Tourette:
Dit is een verzameling verschijnselen waarbij ongecontroleerde spierbewegingen en het maken van geluiden (tics) optreden. Mensen die hieraan lijden hebben een onbedwingbare drang bepaalde bewegingen te maken of bepaalde geluiden of woorden te uiten. Mensen met het syndroom van Gilles de la Tourette (GTS) vangen vaak veel meer prikkels uit de omgeving op dan anderen en worden daardoor ook wel hoogsensitief genoemd. Het verwerken van deze extra prikkels gebeurt vaak door middel van tics. Mensen met GTS zijn vaak gevoelige mensen die niet van verandering houden en minder last van tics hebben als hun levenssituatie stabiel is.
• Ticstoornis-NOS:
Onder deze restcategorie vallen mensen die last hebben van tics (bewegingen of vocaal), maar die niet voldoen aan de criteria van de bovenstaande Ticstoornissen.
Naar boven


